Een terugblik

Concert van Buddy & Dianne in intieme sfeer – 7 april 2024

De première van het concert ‘Nieuw Begin’  door het duo Buddy & Dianne werd door het publiek dat voor een groot deel bestond uit fans met enthousiasme onthaald. ‘Spannend’ vond Dianne om op te treden voor zoveel bekenden, vooral omdat zij, naast het bestaande repertoire, voor de eerste keer een aantal zelf geschreven, Nederlandstalige liedjes  zouden zingen. Tot nu toe waren die alleen te beluisteren op Spotify en You Tube.

Dianne lichtte wat van de sluier op over de wijze waarop hun liedjes tot stand komen: ‘Ik schrijf de teksten en stuur die naar Buddy die er de muziek onder schrijft, meestal nog dezelfde dag’. ‘Daarna zitten wij bij Dianne thuis aan de keukentafel en wordt er geschaafd en gepolijst tot we tevreden zijn’, vulde Danny aan.

De liedjes – inmiddels meer dan 10 – zijn stuk voor stuk geïnspireerd op persoonlijke ervaringen. Beiden zijn erin geslaagd om hun muzikale creaties zowel tekstueel als melodisch een heel authentieke lading te geven. Als ze vervolgens in de uitvoering dit heel eigene en onderscheidende weten over te brengen op hun publiek dan ontstaat er een wisselwerking die een sfeer van intimiteit teweeg brengt. 

Naast hun eigen werk putten ze uit een groot arsenaal, repertoire dat veel genres kent. Behalve popmuziek en country zingen ze ook covers van Nederlandse bodem, altijd in een eigen bewerking. Bijzonder was de ingetogen, gevoelvolle uitvoering van een paar liedjes in het Maleis, met name een geschreven na het overlijden van Buddy’s vader. 

Het was voor het eerst dat de synagoge met dit concert een ander publiek aan zich probeert te binden. Dat heeft tijd nodig, maar de eerste stap is gezet en leidt er hopelijk toe dat meer mensen de weg naar de synagoge als cultureel centrum zullen weten te vinden.

Tekst: Ton van Uem
Foto’s: Bertil Knops en Hans Doppen

Jan Put, historicus – Lezing:  ‘Historie van de Achterhoek’ – 2 april 2024

Jan Put, een begenadigd causeur

 Het is warm in de synagoge als Jan Put zijn spreekbeurt over de Achterhoek en de Achterhoeker afsluit. En dat komt niet alleen doordat het gebouw tot de laatste plaats is bezet, de sfeervolle ambiance die hij met zijn boeiende verhaal heeft weten op te bouwen zorgt voor energie die iedere toehoorder gevoeld zal hebben.

Denkend aan je middelbareschooltijd was geschiedenis een vak waar je warm van werd als het werd gedoceerd door een gedreven geschiedenisleraar, een verteller. Jan Put komt uit het middelbaar onderwijs, gaf geschiedenis en is een geboren verteller. Bevoorrecht waren de kinderen die toen aan zijn lippen mochten hangen.

Twee uur lang, slechts onderbroken door een koffiepauze, weet hij zijn gehoor aan zich te binden. Schijnbaar moeiteloos, zonder enige hapering, neemt hij ons mee in een, zoals hij het noemt, historische caleidoscoop. 

 Hij laat zijn verhaal beginnen in de late Middeleeuwen, rond het jaar 1400, waarin hertogin Maria van Gelder, bekend van het Liedboek, bestuurlijke talenten tentoonspreidde, de 16e eeuw die vooral gedomineerd werd door de strijd tussen Spanje en Holland met als langjarig dieptepunt de Tachtigjarige Oorlog, de tijd van Willem van Oranje en besloten met de Vrede van Münster, mede ondertekend door de invloedrijke vrouw van Frederik Hendrik, Amalia van Solms. Via de 17e en 18e eeuw, de eeuwen van de stadhouders en de schilderkunst wordt de Franse tijd ingeleid.

Heimelijk kijkt Jan Put af en toe naar de klok en ziet dat de tijd die hij zich heeft toegemeten langzaam maar zeker opraakt. Thema’s als de Tweede Wereldoorlog, de geschiedenis van de joden in Borculo, het Achterhoeks dialect en culturele tradities worden genoemd en bescheiden ingevuld, telkens met de beloftevolle opmerking dat we daarover wellicht later uitvoerig komen te spreken.

Voorzitter Riet Baarssen merkt daarom in haar dankwoord fijntjes op dat Jan zichzelf impliciet heeft uitgenodigd voor een volgende lezing. Iets waartegen niemand van de aanwezigen bezwaar zal aantekenen. 

Tekst: Ton van Uem
Foto’s: Arend Heideman

Ekaterina Levental – Schoppen vrouw 10 maart 2024

Vanaf de allereerste zangnoten weet mezzosopraan Ekaterina Levental de bijna geheel gevulde ruimte van de synagoge in Borculo te boeien, in de ban te brengen van het levensverhaal van vijf vrouwen, die haar hebben geïnspireerd, achtereenvolgens Anne Frank, Marilyn Monroe, Maria Callas, Ulrike Meinhoff, verweven met het verhaal van haar oma Dora Gorohovskaya.
Ogenschijnlijk moeiteloos weet zij een aantal artistieke vaardigheden te integreren en daarmee haar verhaal tot een perfecte compositie te modelleren. Zij vertelt, zingt, danst en gebruikt haar stem van bijna fluisterend tot heftig expressief. Weemoed, verdriet, verwachting, hoop en wanhoop, het zijn de gemoedstoestanden die elkaar voortdurend afwisselen.
Die schakering zit ook in de changementen, waarbij zij het publiek betrekt. Fenomenaal zijn de vloeiende overgangen naar de levensverhalen van de vijf vrouwen, verbeeld door slechts de vervanging van hun kapsel. Zonder hun namen te noemen herken je daarin Anne Frank, Marilyn Monroe en Maria Callas. In deze gedaanten onthullen zij, bij leven al een legende, hun geheimen, hun zwakte en kracht, en tenslotte hun sterven. In eenzaamheid.
Ekaterina brengt met dit indrukwekkende optreden totaaltheater, gegoten in haar puurste verschijningsvorm. Het verhaal heeft het publiek in de synagoge zichtbaar aangegrepen, ontroerd. Men is zeer onder de indruk, niet in het minst door de indringende en meeslepende theateruitvoering onder regie van haar partner Chris Koolmees. Nog lang wordt er met haar nagepraat.
Ekaterina werkt aan een nieuw programma……….!

Tekst: Ton van Uem.
Foto’s: Menno Leistra

Koninklijk Zigeunerorkest ‘Roma Heina Mirando

Op zondag 18 februari trad het zigeunerorkest ‘Roma Heina Mirando’ op in de synagoge van Borculo die tot op bijna de laatste plaats bezet was door een, naarmate de middag vorderde, steeds enthousiaster wordend publiek.

De vijfde generatie Mirando is op een bijzondere wijze de drager van de al eeuwen bestaande gouden zigeunermelodieën, uitgewaaierd over heel Europa. Het orkest heeft een unieke stijl bij de uitvoering van Hongaarse, Roemeense en Armeense zigeunermuziek, aangevuld met eigen composities en arrangementen.

Wat deze muziek zo puur, zo ongepolijst maakt is de overdracht van het muzikale gevoel van elke muzikant op zijn instrument, zonder gehinderd te worden door tussengeschoven papier met notentekens. Er was geen programma met een aantal titels van melodieën. Er werd gespeeld ‘vanuut ’t harte’, waarbij de viool letterlijk de toon zette en de andere instrumenten, de piano, de bas en de gitaar, zich als vanzelf voegden. Soms met plaats voor een solopartij van één van de andere muzikanten. Improvisatie is daarbij de enige regel die leidend is.

In zo’n ambiance is anderhalf uur muziek, die al een paar honderd jaar in essentie niet veranderd is, een aanhoudend genoegen tot en met de laatste klank van het toegift.